<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?>
<feed xmlns="http://www.w3.org/2005/Atom" xml:lang="nl-BE">
                        <id>https://veldverkenners.be/nl/nieuws/feed</id>
                                <link href="https://veldverkenners.be/nl/nieuws/feed" rel="self"></link>
                                <title><![CDATA[Vilt RSS]]></title>
                    
                                <subtitle></subtitle>
                                                    <updated>2026-06-07T11:29:07+02:00</updated>
                        <entry>
            <title><![CDATA[1.500 euro beloning voor gouden tip rond diefstalbeveiliging voor gps-systemen in tractoren]]></title>
            <link rel="alternate" href="https://veldverkenners.be/nl/nieuws/1500-euro-beloning-voor-gouden-tip-rond-beveiliging-diefstal-gps-systeem" />
            <id>https://veldverkenners.be/57861</id>
            <author>
                <name><![CDATA[veldverkenners]]></name>
            </author>
            <summary type="html">
                <![CDATA[<p>Vlaamse en ook Nederlandse landbouwers kampen regelmatig met inbraak of diefstal waarbij boeven het gemunt hebben op gps-systemen in tractoren. Alhoewel er antidiefstalmaatregelen bestaan, is de gouden oplossing nog niet gevonden. De Nederlandse landbouworganisatie ZLTO en Platform Veilig Ondernemen organiseren daarom een wedstrijd waarbij ideeën kunnen ingestuurd worden om diefstal van gps-systemen op tractoren te voorkomen. De winnaar krijgt 1500 euro.</p>]]>
            </summary>
                                    <category term="tractor" />
                                        <image>https://veldverkenners.be/storage/files/2a00a6ee-db8c-4a10-a05a-6bfbbe003c19/full_width_smart-farming-gps.jpg</image>
                                        <content>Schade loopt op tot tienduizenden euro&#039;sUit een recent onderzoek van de Nederlandse landbouworganisatie ZLTO en het Platform Veilig Ondernemen blijkt dat 61 procent van de boeren in Brabant en Zeeland al te maken kreeg met inbraak of diefstal. Vooral gps-systemen zijn een geliefkoosd doelwit, met schade die kan oplopen tot tienduizenden euro’s.Ook in Vlaanderen duiken dergelijke diefstallen geregeld op, bevestigt Hans Verstreken van Fedagrim, de belangenorganisatie voor landbouwmechanisatie. “We hebben geen exacte cijfers, maar we merken dat de diefstallen in golven komen en vaak regiogebonden zijn.” Dat lijkt het vermoeden te staven dat dit vaak het werk is van georganiseerde bendes.Eind vorig jaar werd in België nog een 34-jarige Litouwer tot 37 maanden cel veroordeeld voor de diefstal van gps-systemen. Camerabeelden toonden hoe hij in het voorjaar van 2023 twee tractoren van een mechanisatiebedrijf in Kanegem leeghaalde. De buit, voornamelijk gps-toestellen van het merk John Deere, was zo’n 20.000 euro waard. Volgens het parket ging de man bijzonder georganiseerd te werk. Dieven opsporen is geen prioriteitDie veroordeling was uitzonderlijk. “Meestal worden de dieven niet gevat of berecht”, zegt Verstreken. Ook een track-and-trace-functie in gps-systemen biedt weinig zekerheid. In theorie kan de fabrikant de toestellen traceren en de politie verwittigen, maar in de praktijk levert dat zelden resultaat op.Verstreken raadt boeren en loonwerkers daarom aan om gps-schermen na gebruik uit de tractor te halen en veilig binnen te leggen. Ook een inboedelverzekering kan helpen. “Zo verklein je het risico aanzienlijk en komt de verzekering doorgaans tussen als er toch ingebroken wordt.”De Oost-Vlaamse politie, die vorig jaar een reeks gps-diefstallen onderzocht, geeft gelijkaardige tips: zet tractoren op een beveiligde plek, liefst achter afsluiting, en verwijder de gps-installatie telkens wanneer je niet rijdt, zelfs bij een korte pauze. Geldprijs voor gouden ideeHoewel leveranciers al extra maatregelen nemen, blijft gps-diefstal een hardnekkig probleem. Daarom schrijven ZLTO en het Platform Veilig Ondernemen een wedstrijd uit voor het beste idee tegen diefstal. “Boeren en loonwerkers zijn vindingrijk. We horen vaak dat er op landbouwbedrijven al creatieve oplossingen bestaan. Die willen we verzamelen en delen met de sector”, klinkt het bij de organisatoren.Boeren, loonwerkers en andere geïnteresseerden kunnen tot 31 oktober 2025 een praktisch, creatief of technisch idee indienen om gps-diefstal tegen te gaan. De winnaar ontvangt later dit jaar een geldprijs van 1.500 euro.</content>
            
            <updated>2025-09-08T11:25:10+02:00</updated>
        </entry>
            <entry>
            <title><![CDATA[Danone trapt internationaal opleidingsprogramma voor melkveehouders af in Antwerpen]]></title>
            <link rel="alternate" href="https://veldverkenners.be/nl/nieuws/danone-trapt-internationale-opleidingsprogramma-af-in-antwerpen" />
            <id>https://veldverkenners.be/58294</id>
            <author>
                <name><![CDATA[veldverkenners]]></name>
            </author>
            <summary type="html">
                <![CDATA[<p>Danone, dat ook in Vlaanderen zuivel verwerkt, heeft een internationale academie gelanceerd voor melkveehouders. Ruim 40 melkveehouders uit negen landen zijn afgelopen week voor het eerst bij elkaar gekomen in Antwerpen voor een meerdaags opleidingsprogramma. Met het wereldwijde initiatief wil Danone haar melkveehouders in de diverse landen helpen om hun bedrijf toekomstbestendig te maken door wetenschappelijke inzichten, praktische kennis en handige tools te delen.</p>]]>
            </summary>
                                    <category term="melkvee" />
                        <category term="melk" />
                                        <image>https://veldverkenners.be/storage/files/9cf4bfd8-29c3-4757-a9d7-bd9bce0456e6/full_width_danone-dairy-academy.jpeg</image>
                                        <content>Een week geleden verzamelden 48 Danone-melkveehouders uit negen landen zich voor een uitgebreid opleidingsprogramma. Het voedings- en drankenbedrijf had een programma samengesteld van trainingen door Wageningen University &amp;amp; Research (WUR) en workshops van verschillende technische partners.Op het driedaagse programma stonden onder andere dierenwelzijn en dierengezondheid, voerefficiëntie, hittestress en klimaatimpact, regeneratieve landbouw en automatisatie en robotica op melkveebedrijven. Ook bezochten de melkveehouders uit landen als Mexico, Roemenië en Spanje twee Vlaamse melkveebedrijven die bekendstaan om hun sterke prestaties in dierenwelzijn, duurzame landbouw en technologische innovatie. Van elkaar lerenDe boeren verzamelden in Antwerpen in het kader van de International Academy die Danone gelanceerd heeft. Het gaat om een meerjarig opleidingsprogramma waarmee de zuivelverwerker melkveehouders wereldwijd wil helpen om hun bedrijf toekomstbestendig te maken via praktische kennis en handige tools. Danone claimt de eerste zuivelorganisatie te zijn met een dergelijke academie.Wereldwijd (Danone haalt in meer dan 20 landen melk op, red.) zijn drie “Centres of Excellence” aangeduid op basis van de grootte van de melkveebedrijven en vergelijkbare uitdagingen. In onze regio worden de “middelgrote” bedrijven vertegenwoordigd. “Doel is om melkveehouders van middelgrote bedrijven te inspireren en concrete handvatten te geven om hun bedrijf te versterken en duurzamer te maken”, vertelt Marion Bloemendal, Head of Milk bij Danone in België. Ons land werd gekozen als locatie voor de eerste opleidingsronde omdat onze melkveehouderij binnen Danone geldt als best practice. “De melkveehouderij scoort hier op alle indicatoren goed”, aldus Bloemendal. “Er is een hoge dierenwelzijnsstandaard, sterke focus op duurzaamheid, een lage CO₂-uitstoot en verregaande automatisatie”, verduidelijkt zij. Naast fysieke ontmoetingen wordt er ook een digitale leeromgeving opgetuigd waar melkveehouders hun kennis kunnen bijspijkeren.België al langer bezig met kennisdelingInspiratie voor de internationale academie haalde Danone, met hoofdvestiging in Parijs, ook uit België. “Wij hebben sinds 2019 een soort opleidingsprogramma waarbij we de uitdagingen van onze leveranciers in kaart brengen en op basis hiervan een informatieprogramma samenstellen.”In dit kader gingen 24 jonge Vlaamse melkveehouders vorig jaar bijvoorbeeld op een tweedaagse studiereis naar Spanje. Hier werden ze bij Spaanse melkveehouders ondergedompeld in de wereld van hittestress. “Waar hittestress hier pas sinds enkele jaren begint te spelen, is het al langer aan de orde in Spanje. De oplossingen van veehouders in Spanje kunnen inspirerend werken voor onze boeren”, klinkt het.Zoals Belgische boeren zich op deze manier leren wapenen tegen hittestress, kunnen melkveehouders uit landen als Polen en Roemenië bij ons veel leren over automatisatie. “Doordat hier moeilijk arbeiders te vinden zijn, hebben Belgische veehouders ingezet op automatisatie en robotisering. Het probleem van arbeid begint ook in veel Oost-Europese landen te spelen. Daarnaast biedt automatisatie, bijvoorbeeld in het geval van de voeraanschuifrobot, ook voordelen voor dierenwelzijn en melkproductie”, aldus Bloemendal. Mexicaanse boer wil automatisering versnellenNiet alleen het management van Danone blikt terug op een succesvolle lancering van de International Danone Milk Academy in België, ook deelnemers getuigen enthousiast. “Deze week heeft mijn kijk op de toekomst van mijn boerderij echt veranderd. Zien hoe Belgische boerderijen technologie integreren zonder het dierenwelzijn te verliezen, heeft mijn aannames echt uitgedaagd. Ik zag robotica vroeger meer als een luxe, maar nu begrijp ik het als een hulpmiddel voor efficiëntie, consistentie en levenskwaliteit, zowel voor de koeien als voor de boeren. Het heeft me doen heroverwegen wat mogelijk is, en eerlijk gezegd heeft het een vuur in mij aangewakkerd om sneller te moderniseren dan ik had gepland”,&amp;nbsp;aldus&amp;nbsp;Melkveehouder Jaime uit Mexico.</content>
            
            <updated>2025-12-01T23:24:02+01:00</updated>
        </entry>
            <entry>
            <title><![CDATA[Bieten laden in volle winter: "De koude maakt het zwaar"]]></title>
            <link rel="alternate" href="https://veldverkenners.be/nl/nieuws/koude-handen-bij-bieten-afdekken-in-winterweer" />
            <id>https://veldverkenners.be/58430</id>
            <author>
                <name><![CDATA[veldverkenners]]></name>
            </author>
            <summary type="html">
                <![CDATA[<p>Bieten laden bij winterse temperaturen is niet evident. “De sneeuw, wind en koude maken het zwaar”, vertelt Gauthier Winckel. De loonwerker is al enkele maanden in de weer met zijn gespecialiseerde machine en wordt ingehuurd door bietentelers. Waar hij vóór januari de hopen bedekte, wordt hij nu ingeschakeld voor het vrijmaken en het verwijderen van de zeilen voor de bieten op de vrachtwagen richting suikerfabriek worden geladen.</p>]]>
            </summary>
                                    <category term="winter" />
                        <category term="biet" />
                                        <image>https://veldverkenners.be/storage/files/b8249454-7f1c-4c88-858f-b35e8fc2b794/full_width_bieten-laden-bij-sneeuw.jpg</image>
                                        <content>Zo’n 30 vrachtwagens rukten begin deze week uit om bieten te laden bij akkerbouwer Pieter van Wilderode uit Roosdaal. Een dag op voorhand werd het dekzeil van de stapel verwijderd. Gauthier Winckel voerde dit werk uit, een Waalse boerenzoon die in de winter bijverdient met het bedekken en terug vrijmaken van bietenhopen.Telers voor de Tiense Suikerraffinaderij moeten voor 1 december hun bietenhoop bedekken met een zogenaamd toptex-zeil om zo vorstschade te voorkomen. Telers namen het vroeger niet zo nauw met deze regel. Maar de voorbije jaren zijn ze zich steeds meer bewust van de gevolgen van het niet bedekken. “Niet alleen is er kans op vorstschade, maar bovendien blijft het suikergehalte beter bewaard wanneer er minder temperatuurschommelingen zijn”, vertelt Erwin Boonen, directeur grondstoffen bij Tiense Suiker.Afdekken gebeurt steeds vaker door loonwerkersSinds enkele jaren zijn er ook loonwerkers actief die bietenhopen afdekken. Het gaat om mensen die over machines beschikken waarmee ze mechanisch dekzeilen kunnen plaatsen en verwijderen, en daardoor veel tijd besparen. Vooral in Wallonië, waar de temperaturen vaak lager liggen, hebben gespecialiseerde loonwerkers voet aan de grond gekregen, vertelt Boonen. “Daar zijn de hopen ook wat groter en loont het sneller om het werk uit te besteden. In Vlaanderen doen boeren het veelal nog zelf.” Toch heeft Winckel ook klanten in Vlaanderen. Tot 1 december was hij bezig met het bedekken van bietenhopen. De voorbije maand verwijderde hij de dekzeilen. Daags vóór de bieten door de fabriek worden opgeladen, wordt de boerenzoon geïnformeerd en gaat hij met zijn machine ter plaatse. De afgelopen dagen voerde hij zijn werkzaamheden uit in winterse omstandigheden. “De koude wind, vorst en sneeuw bemoeilijken het werk”, vertelt hij.Vertraging bij Tiense, bij Iscal alles volgens planningNormaal gezien zou hij aan zijn laatste werkdagen bezig zijn, maar een vertraging bij de fabriek heeft zijn werkperiode verlengd. “We hadden wat problemen met de filtering van het sap in de fabriek in Wanze, maar dat is nu opgelost. Inmiddels draaien we weer op volle toeren en verwachten we op 20 of 21 januari klaar te zijn met de campagne”, legt Erwin Boonen uit.Bij Iscal loopt de campagne volgens planning en zal ze op 15 of 16 januari aflopen. Dit terwijl de opbrengst één à twee ton hoger zal uitvallen dan aanvankelijk gepland. “Het is een droom van een campagne. Zowel op het veld als in de fabriek loopt alles zeer goed en er zijn ook geen signalen van vorstschade”, aldus Stefaan Van Haecke, secretaris en woordvoerder van Coco-Vlaanderen, de aan Iscal verbonden telersvereniging.Van Haecke is zelf bietenteler in Oudenburg, maar heeft zijn bieten al in september afgeleverd bij de fabriek. In zijn hele carrière heeft hij zijn bieten nog maar twee keer moeten afdekken voor bescherming tegen de vorst. “Zonder de inzet van professionele machines kun je zoiets zeker niet alleen doen.”Ook nu ervaren Iscal-telers in de kustregio minder hinder door het winterweer. “Er ligt pas sinds gisteren wat sneeuw”, aldus Van Haecke. Hij beaamt dat het bedekken en terug vrijmaken van bietenhopen een tijdrovend karwei is voor de boeren. “Het is ook daarom dat de landbouwers hiervoor een vergoeding krijgen.”</content>
            
            <updated>2026-01-06T18:25:09+01:00</updated>
        </entry>
            <entry>
            <title><![CDATA[Overaanbod zorgt voor vijf procent minder omzet bij BelOrta]]></title>
            <link rel="alternate" href="https://veldverkenners.be/nl/nieuws/overaanbod-zorgt-voor-5-procent-minder-omzet-belorta" />
            <id>https://veldverkenners.be/58439</id>
            <author>
                <name><![CDATA[veldverkenners]]></name>
            </author>
            <summary type="html">
                <![CDATA[<p>2025 is een jaar om snel te vergeten voor de meeste BelOrta-telers. Door de weersomstandigheden lag de productie weliswaar hoger, maar door een overaanbod in Europa zakte de omzet met vijf procent ten opzichte van 2024 en kwam die uit op 631 miljoen euro. Wel waren er grote verschillen tussen de telers. Tomaten- en aardbeientelers kenden een goed jaar, terwijl telers van vollegrondsgroenten, vooral wintergroenten, slecht scoorden. Ook de omzet uit peren en appelen viel sterk tegen.</p>]]>
            </summary>
                                    <category term="fruitteelt" />
                        <category term="fruit" />
                        <category term="groente" />
                                        <image>https://veldverkenners.be/storage/files/c1319ada-b571-4d6a-b01f-1548d7ddc170/full_width_belorta-belorta.jpg</image>
                                        <content>Uit de jaarcijfers van REO Veiling bleek eerder al dat de fruit- en vooral groentetelers een slecht jaar achter de rug hebben. De jaarcijfers van BelOrta bevestigen dit. De grootste coöperatieve groente- en fruitveiling van België eindigde vorig jaar op een omzet van 631 miljoen euro, vijf procent minder dan in het recordjaar 2024. Door de goede weersomstandigheden waren de opbrengsten voor bepaalde groenten nochtans zeer goed. Dat gold in het voorjaar voor serregroenten en in het najaar voor vollegrondsgroenten.“Het voorbije jaar bewees opnieuw hoe bepalend het klimaat is voor onze telers en onze sector,” zegt Philippe Appeltans, CEO van BelOrta. “De combinatie van droogte en warmte zorgde voor sterke producties, maar zette tegelijk de markt onder druk”, vat hij het jaar samen.BelOrta genereerde vorig jaar 395,6 miljoen euro van haar inkomsten uit groenten. Glasgroenten waren goed voor 289,5 miljoen euro, vollegrondsgroenten voor 85,6 miljoen euro en biogroenten brachten 20,5 miljoen euro in het laatje. De omzet uit fruit bedroeg 235,5 miljoen euro, waarvan 142,5 miljoen euro uit hardfruit, 83,8 miljoen euro uit zachtfruit en 9,2 miljoen euro uit biofruit, een kleine vijf procent van het totaal. In 2024 bedroeg de omzet uit fruit nog 251 miljoen euro, bijna zes procent meer. Moeilijk jaar voor witloof, bloemkool en preiEr bestonden grote verschillen tussen de verschillende productgroepen. Zo bracht witloof (de wortelen worden in vollegrond geteeld, red.) vorig jaar 29,6 miljoen euro in het laatje, tegenover 45,6 miljoen euro in 2024. “Ondanks vele inspanningen met verkoopacties bleven de prijzen slecht”, klinkt het bij BelOrta. Dat wijst op de grote beschikbaarheid in Vlaanderen en Europa. “Dit en de dalende consumptie van deze traditionele groente zorgen voor een groot overaanbod op de markt.”Ook bloemkool en prei kenden een slecht jaar. Door een klein aanbod noteerden deze groenten in het voorjaar van 2025 nog behoorlijke prijzen, maar in het najaar gingen ze flink onderuit. Dat had alles te maken met de warme weersomstandigheden in het najaar. Die deden de productie pieken, maar de consumptie juist dalen. Goed jaar voor tomaten en komkommersIn warme omstandigheden ligt de vraag naar tomaten traditioneel wat hoger. Deze glasgroente kende dan ook een goed jaar. Ondanks de hogere productie (vooral in het voorjaar piekte de opbrengst door een &#039;abnormaal hoge&#039; lichtintensiteit, red.) bleef de vraag tijdens het traditionele seizoen voldoende stevig. Ook de export naar Zuid-Europa en het Verenigd Koninkrijk verliep vlot. De tomatenspecialiteiten deden het globaal genomen goed, al waren er sterke verschillen tussen de segmenten onderling.Ook de komkommertelers kenden een goed jaar. “Er was in 2025 een mooi evenwicht tussen vraag en gestegen aanbod”, klinkt het. Paprika- en auberginetelers kwamen er dan weer minder goed vanaf. Mede door een areaaluitbreiding in Nederland en hoge producties in Zuid-Europa kwam er druk op de prijzen.Hardfruit scoort slecht, zachtfruit goedIn tegenstelling tot de groenten was het aanbod van vooral hardfruit eerder beperkt. Het appel- en perenseizoen 2024–2025 (pluk in najaar 2024, red.) werd gekenmerkt door lage producties door vorst en natte omstandigheden. De beperktere beschikbaarheid van appels en peren zorgde vorig jaar voor een stabiele prijsvorming. Omdat ook de buurlanden een goede hardfruitproductie kende, viel in het najaar de prijs van peren en vooral appels terug Later in het jaar kwam de oogst van 2025-2026 op de markt. Door de goede groeiomstandigheden lagen de volumes appels en peren daarom een stuk hoger. “Omdat ook de buurlanden, onze belangrijkste afzetlanden, een goede hardfruitproductie kende, viel in het najaar de prijs van peren en vooral appels terug”, vertelt Kris Jans, directeur fruit bijBelOrta. Dit zorgde er al met al voor dat de omzet uit peren vorig jaar met 14 procent daalde tot 113 miljoen euro, terwijl de omzet uit appels met 13 procent terugviel.Dat de totale omzet uit fruit bij BelOrta desondanks met &#039;maar&#039; zes procent daalde, heeft het te danken aan het zachtfruit. Bij bramen, frambozen, rode bes, stekelbes en blauwe bessen waren de prestaties licht positief, maar aardbeien scoorden zeer goed. Het volume nam met zeven procent toe tot 11,2 miljoen kilo en de omzet uit aardbeien met vier procent. Recordproductie kersen en perenNog beter scoorde de kers. Door de goede oogstomstandigheden lag de productie vorig jaar maar liefst 90 procent hoger dan in 2024. De kersentelers genereerden 65 procent meer omzet.&amp;nbsp; De nieuwe, gecentraliseerde sortering in Sint-Truiden zorgde volgens BelOrta voor een efficiënte vermarkting.Ook pruimen kenden in 2025 een recordoogst, met een opbrengst die meer dan dubbel zo groot was als vorig jaar. “De vraag naar een lokale, kwalitatieve pruim toont dat de consument toch belangstelling heeft voor lokale producten. De volumes die we op de lokale markt konden afzetten, lagen echter ver onder het totale geoogste volume, wat de prijzen onder druk zette”, klinkt het bij BelOrta. Dalende groente- en fruitconsumptieIn het verlengde hiervan merkt de veiling een dalende fruitconsumptie op in ons land. “Fruit is vandaag minder vanzelfsprekend in het dagelijkse eetpatroon. Zo blijkt uit consumptiecijfers dat in 2024 slechts 60 procent van de Belgen op een gemiddelde dag fruit at,” aldus Philippe Appeltans, CEO van BelOrta.BelOrta stelt dat de consumptie van groenten en fruit de afgelopen 20 jaar sterk is gedaald. “In vergelijking met 2005 kopen Belgen vandaag jaarlijks bijna 16 kilogram minder verse groenten en fruit per persoon. Waar het thuisverbruik toen nog rond 95 kilogram per capita lag, schommelt dat vandaag rond 78 kilogram.”Met promotiecampagnes wil BelOrta deze trend helpen keren. In 2025 startte de coöperatie al met initiatieven zoals de campagne &#039;10 uur? Fruituur!&#039;, die consumenten opriep om tien uur als vast fruitmoment te nemen. Ook het komende jaar zijn tal van promotiecampagnes voorzien en lanceert BelOrta haar merkcampagne. “Die campagne zet niet alleen onze producten centraal, maar vooral wat ze mogelijk maken: echte, warme momenten tussen mensen”, klinkt het.</content>
            
            <updated>2026-01-07T17:58:17+01:00</updated>
        </entry>
            <entry>
            <title><![CDATA[Mercosurdeal: Vanaf 1 mei handel onder nieuwe regels]]></title>
            <link rel="alternate" href="https://veldverkenners.be/nl/nieuws/mercosurdeal-vanaf-1-mei-handel-onder-nieuwe-regels" />
            <id>https://veldverkenners.be/58830</id>
            <author>
                <name><![CDATA[veldverkenners]]></name>
            </author>
            <summary type="html">
                <![CDATA[<p>De Europese Commissie heeft de laatste procedurele stap gezet voor de voorlopige inwerkingtreding van het vrijhandelsverdrag met het Latijns-Amerikaanse handelsblok Mercosur. De regels van de Mercosurdeal zullen vanaf 1 mei voorlopig van toepassing worden.</p>]]>
            </summary>
                                    <category term="mercosur" />
                        <category term="handel" />
                        <category term="europa" />
                                        <image>https://veldverkenners.be/storage/files/18f92e24-b32b-48fc-a2d0-1865007ca467/full_width_haven-handel.jpg</image>
                                        <content>Het handelsakkoord zal voorlopig vanaf 1 mei worden toegepast tussen de EU en alle Mercosur-landen die hun ratificatieprocedures hebben afgerond en de EU voor eind maart hiervan hebben verwittigd. Argentinië, Brazilië en Uruguay hebben dat al gedaan. Paraguay heeft het akkoord recent geratificeerd en zal naar verwachting binnenkort zijn kennisgeving versturen.&quot;De voorlopige toepassing zorgt ervoor dat invoertarieven op bepaalde producten vanaf 1 mei verdwijnen en dat er voorspelbare regels komen voor handel en investeringen&quot;, aldus de Europese Commissie. &quot;Europese bedrijven, consumenten en landbouwers kunnen zo meteen de voordelen van het akkoord beginnen te benutten, terwijl gevoelige sectoren van de EU-economie beschermd blijven door stevige garanties.&quot;De Commissie geeft mee dat de voorlopige toepassing ook moet zorgen voor een nauwere samenwerking tussen de EU en Mercosur rond prioritaire mondiale thema’s zoals arbeidsrechten en klimaatverandering. &quot;Ze zal bijdragen aan meer veerkrachtige en betrouwbare toeleveringsketens, wat vooral belangrijk is voor een stabiele aanvoer van kritieke grondstoffen&quot;, klinkt het.“Vandaag zetten we een belangrijke stap om onze geloofwaardigheid als belangrijke handelspartner te tonen&quot;, voegt Eurocommissaris voor Handel Maroš Šefčovič daaraan toe. &quot;Ik kijk ernaar uit dat dit akkoord zijn potentieel benut, onze economie versterkt en onze positie in de wereldhandel verder uitbouwt, terwijl de democratische procedures worden afgerond.”De Slowaakse politicus raakt daarmee een gevoelig punt aan bij heel wat Europese parlementsleden. Eind januari besliste het Europees Parlement om de wettigheid van het verdrag eerst te laten toetsen door het Europees Hof van Justitie, voor zich finaal uit te spreken over de Mercosur-deal. De Commissie koos ervoor om die uitkomst niet af te wachten en het verdrag al voorlopig toe te passen. Juridisch kan dat, maar de stap stuit op weerstand omdat het Parlement zo niet wordt betrokken bij de eenzijdige beslissing.</content>
            
            <updated>2026-03-23T18:44:50+01:00</updated>
        </entry>
            <entry>
            <title><![CDATA[Frankrijk wil blootstelling aan cadmium verminderen met strengere regels voor de landbouwsector]]></title>
            <link rel="alternate" href="https://veldverkenners.be/nl/nieuws/frankrijk-wil-blootstelling-aan-cadmium-verminderen-met-strengere-regels-voor-de-landbouwsector" />
            <id>https://veldverkenners.be/59167</id>
            <author>
                <name><![CDATA[veldverkenners]]></name>
            </author>
            <summary type="html">
                <![CDATA[<p>De Franse Nationale Vergadering, vergelijkbaar met het Vlaams Parlement, heeft in eerste lezing een wetsvoorstel goedgekeurd dat de blootstelling aan cadmium bij de bevolking moet verminderen. Het giftige zware metaal komt onder meer via landbouwgronden in de voedselketen terecht. In Frankrijk zijn de hoge concentraties cadmium in voeding al langer onderwerp van discussie. In Vlaanderen zijn er volgens een recent onderzoek van het FAVV geen problemen vastgesteld.</p>]]>
            </summary>
                                    <category term="mest" />
                                        <image>https://veldverkenners.be/storage/files/04acf902-e0fd-4fe2-af33-167051e152c1/full_width_kunstmeststofwittekorrel.jpg</image>
                                        <content>Het Franse nationale agentschap voor volksgezondheid en voedselveiligheid Anses waarschuwde eerder dit jaar dat bijna de helft van de bevolking wordt blootgesteld aan cadmiumconcentraties die hoger liggen dan de aanbevolen veiligheidsnormen.De stof komt van nature voor in het milieu, maar de concentraties kunnen door industriële activiteiten en landbouw aanzienlijk toenemen. Met cadmium verrijkte fosfaatmeststoffen worden in de landbouw gebruikt om de gewasgroei te bevorderen. Planten kunnen de stof opnemen, bijvoorbeeld door granen en groenten, en zo in de voedselketen terechtkomen. Om consumenten te beschermen, zijn op Europees niveau strenge grenswaarden vastgelegd voor cadmium in voeding.De Franse Nationale Vergadering heeft deze week beslist de strijd tegen cadmium op te voeren. Daarbij wordt vooral naar de landbouwsector gekeken. In totaal stemden 144 parlementsleden voor een wetsvoorstel (22 tegen, red.) dat voorziet in een versnelde verlaging van de maximaal toegelaten hoeveelheid cadmium in fosfaatmeststoffen. Geen probleem voor Belgische groentenOok in België zouden er in bepaalde gebieden, als gevolg van industriële activiteiten in het verleden, verhoogde cadmiumgehaltes in de bodem voorkomen. Recent onderzoek van het FAVV wees echter uit dat dit geen probleem oplevert voor de groenten op de Belgische markt. In totaal werden 48 stalen genomen van groenten afkomstig uit teelten in deze risicogebieden. Daaruit bleek dat 11 van de 30 monsters in Wallonië en 1 van de 18 monsters in Vlaanderen een te hoog cadmiumgehalte bevatten.Het FAVV voert al jaren een controleprogramma uit voor zware metalen in levensmiddelen, zowel bij producten die in België zijn geproduceerd als bij producten die uit andere landen worden ingevoerd. “De resultaten van deze steekproeven zijn geruststellend”, klinkt het. “Van de 1.559 stalen die het FAVV in 2024 analyseerde op zware metalen, voldeed 99 procent aan de wettelijke norm. Er is dus geen algemeen probleem voor groenten op de Belgische markt”, zei FAVV-woordvoerder Hélène Bonte eerder dit jaar. Franse norm boven EuropeseDat Frankrijk wel met een cadmiumprobleem in landbouwgronden zou kampen, verklaart het Nederlandse Agroberichten Buitenland door de herkomst van de Franse meststoffen. “De Franse landbouwsector is van oudsher afhankelijk van import uit Marokko en Tunesië, waar fosfaat van nature rijk is aan cadmium.”Een andere factor is de soepelere wetgeving. Waar de Europese regels een limiet van 60 milligram cadmium per kilogram fosfor in minerale meststoffen vastleggen, hanteerden de Franse autoriteiten een maximumnorm van 90 milligram. In het recente wetsvoorstel willen de Franse parlementsleden die dosis terugbrengen tot 40 milligram in 2027 en 20 milligram in 2030.Dat is aanzienlijk sneller dan de Franse regering had voorgesteld. Die had gepleit voor een meer geleidelijke afbouw en waarschuwde dat strengere regels de concurrentiepositie van de Franse landbouw zouden kunnen aantasten. De Franse landbouwminister Annie Genevard wijst er bovendien op dat uit controles op cadmium blijkt dat 99,5 procent van de gecontroleerde producten aan de Europese normen voldoet. Europa heeft in 2021 het maximaal toegestane gehalte aan zware metalen in levensmiddelen verlaagd.</content>
            
            <updated>2026-06-04T13:52:34+02:00</updated>
        </entry>
            <entry>
            <title><![CDATA[Landbouwminister Brouns trapt Bioweek 2026 af in Grimbergen]]></title>
            <link rel="alternate" href="https://veldverkenners.be/nl/nieuws/landbouwminister-brouns-trapt-week-van-de-bio-af" />
            <id>https://veldverkenners.be/59178</id>
            <author>
                <name><![CDATA[veldverkenners]]></name>
            </author>
            <summary type="html">
                <![CDATA[<p>Vlaams landbouwminister Jo Brouns (cd&amp;v) heeft zaterdag op bioboerderij Den Diepen Boomgaard in Grimbergen het startschot gegeven voor de Bioweek 2026. “Biobedrijven tonen hoe je binnen de ecologische grenzen een rendabel bedrijf kunt uitbouwen. De hele Vlaamse land- en tuinbouw staat voor die uitdaging”, zei hij. De Bioweek is een initiatief van de agro-marketingorganisatie VLAM, die hiermee biologische voeding en productie in de schijnwerpers wil zetten.</p>]]>
            </summary>
                                    <category term="bio" />
                                        <image>https://veldverkenners.be/storage/files/475ddcf6-ad37-49d9-aefd-a4c2e52e327c/full_width_brouns-lanceert-week-van-de-bio.jpg</image>
                                        <content>Tot en met 14 juni voert VLAM een marketingcampagne om de biologische land- en tuinbouw en voeding in de kijker te zetten. Producenten, verwerkers en verkopers van bioproducten organiseren dan opendeurdagen en activiteiten. Daarnaast moeten promotieacties de verkoop van bioproducten stimuleren. Voor het startschot van de Bioweek viel dit jaar de keuze op bioboerderij Den Diepen Boomgaard in Grimbergen. De biologische groenten, geteeld op twee hectare, worden volledig via de korte keten vermarkt.Naast biologische landbouw in de korte keten heeft het bedrijf ook een maatwerktak. Ruim 50 mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt werken op de bioboerderij in de groenvoorziening, de hoevewinkel of in de keuken. Daar worden kant-en-klare maaltijden met lokale producten bereid voor de korte keten. Door die combinatie is het inclusieve bedrijf volgens Jo Brouns een toonvoorbeeld van een onderneming die boer en maatschappij dichter bij elkaar brengt.Bioland- en tuinbouw Vlaanderen in de liftDe Bioweek vindt plaats op een moment waarop de biosector in Vlaanderen verder groeit. Volgens Statistiek Vlaanderen waren eind 2025 in Vlaanderen 639 biologische landbouwbedrijven actief, inclusief bedrijven in omschakeling. Dat zijn er vijf meer dan in 2024. De biobedrijven bewerkten eind 2025 samen 10.483 hectare biopercelen, een stijging van 2,4 procent ten opzichte van 2024. Eind 2025 maakte het areaal onder biocontrole 1,7 procent uit van het totale Vlaamse landbouwareaal. Ook consumptie stijgtOok aan consumentenzijde blijft bio terrein winnen, volgens VLAM. “De bestedingen aan bioproducten stegen in 2025 met vier procent tot 1,36 miljard euro. In Vlaanderen groeide het bioaandeel binnen de voedingsbestedingen van 3,0 procent in 2023 naar 3,3 procent in 2025.” Volgens onderzoek eet 45 procent van de Belgen minstens enkele keren per maand biologische producten. Voor 34 procent speelt bio een rol bij de aankoop van voeding. Consumenten associëren bio spontaan met begrippen als natuurlijk, gezond en respectvol voor mens, dier en milieu.“Bioconsumenten zijn bewuste consumenten. Ze kiezen niet toevallig voor bio, maar kiezen voor smaak, voor het milieu en voor de boer. De Bioweek is het uitgelezen moment om dat verhaal breed te vertellen. Met de slogan ‘Zeg het met bio!’ nodigen we iedereen uit om die keuze ook zichtbaar te maken”, zegt Filip Fontaine, CEO van VLAM. Hefboom naar circulaire landbouwDe groei van de sector bevestigt volgens minister Brouns het potentieel van bio in Vlaanderen. “Bio is geen niche meer, maar een volwaardig onderdeel van een landbouwsector die vooruitkijkt. Een sector die toekomstgericht en veerkrachtig is, economische kansen creëert en tegelijk zorg draagt voor bodem, water, biodiversiteit en klimaat.”In dat opzicht kan de biosector volgens Brouns ook een hefboom vormen voor een meer circulaire land- en tuinbouw. “De Vlaamse land- en tuinbouw staat voor grote uitdagingen om binnen de ecologische grenzen een rendabel bedrijfsmodel uit te bouwen. Op dat vlak is de biosector een voorloper.” Volgens Brouns kiezen consumenten vandaag bewuster en willen ze opnieuw voeling krijgen met waar hun voeding vandaan komt. “Net daarin heeft onze Vlaamse biosector een sterke troef.” Hij juicht de marketingactie van VLAM dan ook toe. “De Bioweek is een belangrijk initiatief: ze brengt producent en consument dichter bij elkaar en laat Vlamingen kennismaken met het vakmanschap, de kwaliteit en de passie achter biologisch voedsel van bij ons.” Samen met WalloniëDe Bioweek is een gezamenlijk initiatief van de hele biosector en VLAM (Vlaams Centrum voor Agro- en Visserijmarketing). In Wallonië zet Apaq-W (Agence Wallonne pour la promotion d&#039;une agriculture de qualité) bio in de kijker tijdens de ‘Semaine bio’, met activiteiten in elke provincie. In Vlaanderen maakt de Bioweek deel uit van het Strategisch Plan Bio 2023-2027, dat inzet op een groei van vijf procent op vijf parameters: landbouwareaal, omzetwaarde van de dierlijke productie, aantal biolandbouwbedrijven, bioconsumptie en bio in overheidscatering.</content>
            
            <updated>2026-06-07T11:29:07+02:00</updated>
        </entry>
    </feed>
